“Wij zijn Nederland” horen we verschillende groepen roepen, dat roept bij mij de vraag op: “wie ben ik”?
Op zaterdag 20 september braken rellen uit in Den Haag, een paar honderd mensen vonden het nodig om extreem geweld te gebruiken, terwijl ze nadrukkelijk extreemrechtse symbolen meedroegen. Scanderend “wij zijn Nederland” door Den Haag heen liepen, de politie aanvielen en gebouwen vernielden.
Terwijl een meerderheid van de politiek recent nog zonder enige vorm van discussie het ongrijpbare antifascisme tot een terroristische handeling bestempelde. Terwijl de experts in grote mate erop wijzen dat het grootste risico op dit moment vanuit het extremistische en steeds verder radicaliserende rechts komt.
En dat laat zich zien, nu we hier Trumpiaanse toestanden krijgen waarbij groepen die kennelijk uit het rechtse milieu zich steeds openlijker het recht toe-eigenen om geweld toe te passen.
We willen allemaal gehoord worden en in een goed werkende democratie. Dus moet er ook ruimte zijn voor deze extreme geluiden, hoe ik ze zelf ook verafschuw en mij er altijd tegen af zal blijven zetten. Geweld mag echter in deze dialoog geen plek krijgen of hebben. Toch lijkt de omslag te zijn gemaakt en is stil zijn niet de oplossing. Dit is niet waarvan ik zeg “Wij zijn Nederland”.

Wie ben ik dan in deze? Laat ik dat nu net hebben opgeschreven: in het stukje over “De complexe wereld en ik!“
En ik, ik ben “gewoon” mens. Lokaal wat kan, Europees wat moet.
En ik heb dus géén idee wat “wij zijn Nederland” wil zeggen, ik ben het in ieder geval niet.
Publicatie: jveenstra.org


